Mondiale crises in de topsport, deel 2: Governance crisis

Posted on 22 december 2011

2


“Crisis? What is a crisis?”, zo bagatelliseerde Sepp Blatter in oktober nog de problemen binnen FIFA. Inmiddels heeft de voetbalbaas moeten bekennen dat binnen zijn organisatie fouten zijn gemaakt die het aanzien van het voetbal hebben geschaad. Niet alleen de wereldvoetbalbond dreigt het vertrouwen van de fans en sponsors te verliezen, de mondiale topsport in zijn geheel kampt met een vertrouwenscrisis. Vermeende corruptie onder sportbestuurders, dopingschandalen en gokzwendel: het kleeft de sport zwaar aan. Bovendien dragen giga salarissen en mega evenementen in tijden van financiële malaise niet bij aan een positief imago van de sport. Hoog tijd voor reflectie. Komt de topsport deze crises nog te boven?

Gisteren verscheen op dit blog deel 1 uit deze serie, de Fair Play Crisis. Om dit deel te lezen klik hier.

Governance crisis

De tweede crisis die de sport teistert wordt belichaamd door FIFA. Sepp Blatter ontkende in oktober nog dat er sprake was van een crisis binnen de wereldvoetbalbond, maar een maand later erkende hij al dat zijn organisatie niet altijd even transparant was geweest en dat leden van zijn bestuur fouten hadden gemaakt. Het kwaad was toen al geschied: diverse (vermeende) omkoopschandalen kwamen aan het licht, de WK’s van 2018 en 2022 werden op ondoorzichtige wijze toegewezen aan respectievelijk Rusland en Qatar en de herverkiezing van Blatter had meer dictatoriale dan democratische trekjes. Vooral de Westerse landen, Engeland voorop, raakten alle vertrouwen kwijt in het machtige voetbalbolwerk uit Zürich.

FIFA is een monopolist. Zo lang het belangrijkste product dat zij aanbieden, het wereldkampioenschap voetbal, nog zo gewild is en bonden grote belangen hebben om vertegenwoordigd te zijn in een FIFA-commissie, is de kans op weerstand klein. Want welk land en welke nationale bond kan het zich permitteren openlijk tegen misstanden op te treden, zonder zelf het risico te lopen niet meer in aanmerking te komen voor het organiseren van grote evenementen of om een invloedrijke bestuurder te leveren? Bovendien opereert FIFA transnationaal en de internationale wetgeving schiet tekort om toezicht te kunnen houden en, indien nodig, te straffen. Het Zwitsers recht, waaronder FIFA valt, staat slechts zeer beperkt toezicht toe op interne bedrijfsvoering. Al deze kenmerken maken de FIFA-bestuurders min of meer onaantastbaar en bij onvoldoende zelfreinigend vermogen dreigt het eigen belang de overhand te krijgen.

FIFA is niet de enige transnationale monopolist die gevestigd is in Zwitserland. Liefst 47 internationale federaties houden kantoor tussen de Zwitserse bergen. Dat levert de bonden niet alleen belastingvoordelen en netwerkmogelijkheden op, maar tevens de kans om zonder noemenswaardig toezicht te besturen. Daarmee is niet uitgesloten dat ook andere dan FIFA-bestuurders de (financiële) verleidingen die hun worden aangeboden niet kunnen weerstaan. Regelmatig verschijnen verdachtmakingen over andere sportbestuurders. Zo plaatste onderzoeksjournalist Andrew Jennings kort geleden IAAF-president Liame Diack in de verdachtenbank en werden op het Play the Game congres in oktober grote vraagtekens gezet bij de financiële wandel van de internationale zwembond FINA.

Dergelijke problemen binnen de federaties zijn niet alleen te wijten aan verouderde structuren of falende rechtssystemen. Bestuursculturen spelen een minstens zo grote rol. Lang zittende bestuurders, opererend binnen een beperkt old boys network, hebben de neiging hun eigen normen en waarden te creëren, los van heersende opvattingen over goed bestuur. Daarnaast zorgt de globalisering van de sport voor een intrede van bestuurders uit landen die vaak andere opvattingen hebben over goed bestuur dan gangbaar zijn in Westerse landen.

Het oude besturingssysteem en de heersende culturen binnen de federaties passen niet binnen de huidige opvattingen over goed bestuur, zoals die in de Westerse landen gelden. De goverance crisis zorgt in ons deel van wereld voor weerstand bij de sportconsumenten, die zich niet herkennen in de manier waarop de vertegenwoordigende sportorganisaties beslissingen nemen. Tegelijkertijd is deze crisis ook een uiting van de opkomst van nieuwe sportnaties, veelal met nieuw geld, en een teken van veranderende machtsverhoudingen in de sport.  

Om het vervolg van dit artikel, deel 3 over de financial crisis, te lezen klik hier.

De drie delen verschenen als één artikel in Sport & Strategie.